|
|
|
Vergeleken met de
oudheid van de aarde komt de mens nog maar pas kijken. Maar wanneer was
dat dan? De aarde is
ongeveer 6 miljard jaren oud. Dat is een gigantisch getal. Om het wat
overzichtelijker te maken brengen wij die 6 miljard jaren terug tot 1 kalenderjaar. We
beginnen op 1 januari.
Op Nieuwjaarsdag
ontstaat onze planeet, een gloeiende kolkende gasbol, de aarde in haar prilste
stadium. Alles is vuur en hitte. Langzaam koelt de vuurmassa af, de aardkorst
neemt vastere vormen aan, gaat stollen. Dat gebeurt omstreeks eind maart. Veel
later, het is niet precies bekend wanneer, ontstaan de eerste wereldzeeën,
kokend en dampend als een grote pot soep. Hierin komt eind juni het eerste leven
tot ontwikkeling. Primitieve diersoorten, enkele “dagen” later gevolgd door de
eerste dieren: protozoën, sponzen, wormen en schelpdieren.
Er gaan nog enkele
maanden overheen alvorens meer duidelijke levensvormen de planeet gaan bevolken.
Dit moet omstreeks midden november het geval zijn geweest. Op 12 december worden
de dikke steenkolenlagen gevormd, onze inmiddels alweer verouderde
huisbrandstof. Tijdens de Kerstdagen dreunt de aarde onder het geweld van de 30
ton zware, 20 meter lange Brontosaurus, het grootste levende wezen dat hier ooit
geleefd heeft.
31 december breekt
aan, Oudejaarsdag. Van mensen is nog steeds geen sprake. Oudejaarsavond om 22.00
uur zet in met felle koude en de eerste ijstijd is een feit. De gletschers
dringen zuidwaarts. Om 23.00 uur verschijnen dan eindelijk de eerste menselijke
zoogdieren, de Sinantropus doet zijn intrede, een primitieve mensensoort,
waarvan men enkele schamele fossiele resten in Azië heeft gevonden. En pas
omstreeks 23.15 uur is er sprake van de Homo Sapiens. De mens is op aarde gekomen.
Het duurt nog tot 1 minuut voor 24.00 uur voor hij zijn prachtige grottekeningen
creëert.
Dertig sekonden
voor 24.00 uur: De Pharao’s in Egypte bouwen hun monumentale pyramiden, 10 seconden
voor de jaarwisseling wordt Christus in Bethlehem geboren en een ¼ seconde voor
het einde van het jaar jij en ik.
Samenvatting uit: Handboek voor de opleiding tot natuurgids,
uitgave IVN Amsterdam |